Posts tonen met het label alpo. Alle posts tonen
Posts tonen met het label alpo. Alle posts tonen

vrijdag 1 juli 2022

Vanuit de Opleidingscommissie: een bericht van Floor en Sacha

 

Lieve lezer,

Afgelopen jaar zijn wij de twee studentleden van de OpleidingsCommissie van Onderwijswetenschappen geweest. Gedurende het jaar hebben wij ervoor gezorgd dat er net als vorig jaar (ongeveer) elke maand een blog online werd gezet. Hierin hebben verschillende studenten en docenten een kijkje gegeven in hun leven. Hierdoor zijn er veel verschillende perspectieven langsgekomen op onderwijswetenschappelijke kwesties.

Tijdens corona is het idee ontstaan om deze blog op te zetten. Op deze manier kon iedereen vanuit zijn/haar kamer alsnog meekrijgen waar anderen in deze tijd mee bezig waren. ALPO studenten, OWW studenten en docenten van beide opleidingen hebben hun visies op het onderwijs gedeeld, lees- en podcast tips gegeven en vragen van elkaar beantwoord.

Dit jaar hebben wij als OC nog een aantal blogs gepost en besloten om met deze blog de reeks af te sluiten. We hopen aankomend jaar elkaar veel op de universiteit tegen te komen en op die manier een kijkje in elkaars leven te blijven krijgen. Met deze blog sluiten we niet alleen de blogreeks af, maar ook ons jaar in de OC. We dragen met trots het stokje over aan Lynn en Ylana :)

Floor en Sacha

Waar we het afgelopen jaar bezig zijn geweest met de blogs, hebben we ook nog een heel aantal andere dingen gedaan vanuit onze functie als studentlid van de OC. Zo hebben we panelgesprekken gevoerd om alle vakken te evalueren (en ook bedacht hoe we deze anders kunnen vormgeven), vergaderingen gehad met docenten en ook de Instagram van @oww_uu bijgehouden. Hiervoor hebben we onder andere samen een dagje de stad doorgefietst om verschillende studieplekjes uit te lichten in Utrecht. Naast onze taken voor de OC, hebben we namelijk afgelopen jaar ook beide heel hard gestudeerd!

Naast studeren en taken voor de Inspraak hebben we beide ook nog heel veel leuke dingen gedaan: VOCUS commissies en activiteiten, dagtripjes naar steden, feestjes en genieten van de zon (zeker deze laatste weken!). Aankomend jaar zal Sacha nog rondlopen op de Uithof voor haar laatste studiejaar. Floor zal op avontuur gaan in Oslo, waar zij voor een half jaar naartoe gaat op exchange! Voor nu wensen wij iedereen een hele fijne vakantie toe :)

Liefs,
Floor en Sacha

dinsdag 7 december 2021

Een kijkje in het leven van Lotte

In deze blog leren we een van de medewerkers of studenten bij Onderwijswetenschappen beter kennen. Dit keer is dat student Lotte Flikkema. Dit is de vijftiende bijdrage in een regelmatig terugkerende serie.  


Meekijken met Lotte

Hallo daar, leuk dat je mijn blog over de ALPO leest. In deze blog wil ik je graag wat meer over mijn leven als derdejaars ALPO-student vertellen, en over de weg daar naartoe. Ik heb voor de ALPO gekozen omdat ik theorie pas iets waard vind als je er echt iets mee kan. Waarom alleen leren over kinderen wanneer je dat ook meteen kan toepassen in de klas? Deze opleiding maakt me (nog steeds) ambitieus, nieuwsgierig en gemotiveerd. Ik ben blij dat ik voor de ALPO heb gekozen.

Hoe ziet jouw week eruit?

In het derde jaar van de ALPO zit de week aardig volgepropt. De Hogeschool en Universiteit moeten samen 3 dagen delen, de overige twee dagen zijn stagedagen. De week van schrijven is in de tweede week van het tweede blok van jaar 3. Tentamens van blok 1 zijn net (succesvol!) afgerond en het is tijd voor de nieuwe vakken. Ik neem jullie graag van dag tot dag mee in mijn lessen.

Op maandag volg ik orthopedagogiek 2. Dit is een vervolg op orthopedagogiek 1 (goh) en een gemixte cursus van Universiteit en Hogeschool. Ortho1 had de nadruk op leerstoornissen zoals dyslexie of dyscalculie, en hoe de leerkracht daar praktisch mee om kan gaan. Ortho2 zoomt nu in op verschillende gedragsstoornissen. Denk hierbij aan ADHD, ASS, hoogbegaafdheid. Elke week staat een andere gedragsstoornis in de schijnwerpers met een hoorcollege en werkgroep. De hoorcolleges worden gegeven door experts in het gebied, die vooraf vragen ontvangen van de studenten en deze verwerken in het college. Na het hoorcollege is er een pauze van ongeveer 2 uur tot de bijbehorende werkgroep. Het is een onderdeel van de cursus dat elke week een groepje leerlingen een deel van de werkgroep verzorgt. Deze week zat ik dus samen met medestudenten gezellig te werken aan onze les. Tijdens de werkgroep leggen we de link tussen de theorie en de praktijk.

Dinsdag begon met een SLB-les waarbij we onderling problemen op stage met elkaar deelden. Dit gaf me wel wat nieuwe inzichten. Vervolgens was er een les van mijn keuzevak. In het derde jaar is er de keus tussen Wereldoriëntatie en muziek. Dit gaat dan om verdiepende vakken. Ik heb voor wereldoriëntatie gekozen, waarmee we dit blok twee lessenseries gaan ontwerpen rond een educatie (denk aan gezonde voeding, waterverspilling, erfgoededucatie). Om de week volg ik op dinsdag ook een vak Inleiding Vernieuwingsonderwijs. Dit vak zoomt in op verschillende vormen onderwijs (bijv. montessori, dalton of vrije school) en is een opstapje naar het keuzevak vernieuwingsonderwijs in blok 3 en 4.

Woensdag en donderdag zijn mijn favoriete dagen van de week. Dan loop ik stage in groep 7/8 van een SBO-school. Ik heb zelf voor het SBO gekozen, omdat ik nieuwsgierig was naar de uitdaging. Deze twee dagen zijn zwaar; mentaal én fysiek. Maar ze zijn het zeker waard. In het SBO heb ik veel geleerd over hoe je met verschillende leerlingen om moet gaan. En hoe ontzettend verschillend ze zijn! Dit zijn allemaal dingen die ik meeneem naar mijn eigen klaslokaal in de toekomst. Zowel tijdens als na schooltijd voer ik veel taken uit voor de klas en school. Als derdejaars student wordt er redelijk veel van je verwacht.

Op vrijdag was het tijd voor het hogeschool onderdeel van ortho2. Hiermee focussen we op het maken van een groepsplan. In ortho1 hebben we een groepsoverzicht gemaakt, nu is het tijd voor de volgende stap. Dit is een hele praktische opdracht die me veel inzicht geeft in de leerlingen van mijn stageschool, en in het werk van een leerkracht. Aan het einde van de week gebruik ik de treinreis om me voor te bereiden voor de volgende week.

In totaal reis ik dus 3 dagen in de week (2 uur enkele reis…) op en neer naar Utrecht, en 2 dagen naar mijn stageschool. Dit kost me onwijs veel tijd. Gelukkig vind ik nog genoeg tijd om regelmatig te sporten, 3 dagen per week te werken en mijn vrienden te zien. In de trein lees en luister ik van alles. Over het onderwijs heb ik nog wel wat tips! Zie het laatste kopje.

Waar haal  het meeste plezier uit bij je studie?

Het meeste plezier haal ik denk ik uit de interessante discussies die je kan hebben over alles in onderwijsland. We hebben les van experts en zitten in een klaslokaal met allemaal toekomstige juffen en meesters met stuk voor stuk hun eigen mening. Dit levert interessante discussies op over de huidige stand van zaken. Moeten er dingen anders? En hoe kunnen we dat voor elkaar krijgen?

Daarnaast zijn woensdag en donderdag natuurlijk de momenten dat je met je neus op de feiten wordt gedrukt. Die 25 wiebelende kinderen zijn waar je het allemaal voor doet!

Wat is jouw visie op het huidige onderwijs in Nederland?

Om te beginnen beantwoord ik graag de vraag van mijn voorganger Merel: Als je een nieuwe stroming van onderwijs zou kunnen ontwerpen, hoe zou deze er dan uitzien en waarom? En in hoeverre wijkt deze af van de reeds bestaande onderwijsstromingen in Nederland? Een redelijk complexe vraag, maar er komt bij mij een heel simpel antwoord naar boven: geen. Ik zou geen nieuwe stroming willen ontwerpen binnen onderwijsland. Klinkt misschien saai, maar het is nu voor de leek (en de schoolzoekende ouder) al een aardig oerwoud wat voor stromingen er allemaal bestaan, en wat ze inhouden. Wat is het beste voor je kind? Ik ben van mening dat alle stromingen hun voordelen en nadelen hebben, en dat die ook nog eens verschillen per kind. Het toevoegen van een extra stroming zal hier niets aan verbeteren.

Dit brengt mij op het volgende punt. Was het niet de bedoeling dat het basisonderwijs voor iedereen hetzelfde is? In mijn verschillende stages, maar ook uit verhalen van andere studenten, hoor ik zo veel verschillende scholen. Blijkbaar maakt het uit of jouw school in Wassenaar of Rotterdam Zuid staat. Kansenongelijkheid is een term die steeds meer in de schijnwerpers komt te staan bij onderwijskundigen maar ook het grote publiek. In mijn mening wordt het onderwijs alleen maar beter als we wat meer gaan omkijken naar die leerlingen die net niet in de goede wijk zijn geboren. Dit is een zaak die op macro-niveau aandacht vraagt. Voor de klas vind je enkel leerkrachten die het beste willen voor elke leerling. Maar hoe wordt het geld verdeeld? En dus ook die fantastische leerkrachten? Dat is een zaak voor Den Haag.

Als ik denk aan het huidige onderwijs in Nederland dan denk ik ook aan de digitalisering van de afgelopen tijd. Leerlingen werken steeds vaker op devices en minder vaak in een schrift. Op de opleiding is hier vaak een discussie over, wat is nu beter? Zowel online als offline onderwijs heeft voordelen en nadelen. Hierbij denk ik dat het voor elk kind zal verschillen wat fijner werkt. We kunnen er in ieder geval niet om heen dat het volgen van de leerlingen in een digitaal leerlingvolgsysteem wel ontzettend handig is!

Wat is je droom voor het onderwijs?

Mijn droom voor het onderwijs hangt sterk samen met het probleem van kansenongelijkheid. Hoe mooi zou het zijn als alle leerlingen gelijke kansen zouden hebben? Het voelt als een onredelijke droom, maar er zijn al veel organisaties die zich inzetten voor kinderen in kansarme situaties. Hier word ik alleen maar blij van.

Heb je nog een vraag voor de volgende blogger?

Voor de volgende blogger wil ik eigenlijk mijn droom meegeven. Wat zou jij als een verandering voorstellen aan het huidige onderwijs in Nederland om kansenongelijkheid te verminderen? Het is een kwestie die niet in één keer op te lossen is, maar een beetje dromen kan nooit kwaad.

Heb je nog leuke luister of leestips?

In de trein verslind ik graag boeken. En wat is nou leuker dan over de grappige, schokkende en interessante ervaringen van leerkrachten lezen? Er zijn talloze boeken te vinden waarin leerkrachten bijzondere verhalen beschrijven. Over kansenongelijkheid in het onderwijs is ook veel materiaal te vinden. Het kan nooit kwaad om je er over in te lezen voor je zelf voor de klas staat.

Mijn favorieten over de onderwijspraktijk:

·        Jongens ik wil nu toch echt beginnen – Johan Goossens

·        De gelukkige leraar – Maike Douglas-Westland

·        Juf er is een kind kwijt – Dorine Hermans


maandag 15 november 2021

Een kijkje in het leven van Corine

 In deze blog leren we een van de medewerkers of studenten bij Onderwijswetenschappen beter kennen. Dit keer is dat docent Corine Gielen. Dit is de veertiende bijdrage in een regelmatig terugkerende serie. 

Hoi allemaal! Deze keer ben ik gevraagd om de blog te schrijven, maar laat ik mijzelf eerst even voorstellen. Ik ben Corine Gielen, docent aan de afdeling Educatie (OWW en ALPO) en praat met een zachte G. Van origine kom ik uit Leuth, een minidorpje onder de rook van Nijmegen. Tegenwoordig woon ik samen met mijn Duitse vriend en goudvissen in Bennekom (bij Ede en Wageningen). Dus ja, ik spreek ook een aardig woordje Deutsch. In mijn vrije tijd vind ik het heerlijk om Formule 1 te kijken, ben groot fan, van vrije training tot en met de wedstrijd, alles probeer ik te kijken. Echter draait mijn leven niet alleen maar om racen, ik houd ook van korfballen, een flink stuk wandelen en bordspelletjes.

Toen ik hier kwam werken was de afdeling voor mij niet nieuw, ik heb namelijk van 2015 tot en met 2019 de ALPO gestudeerd. Aansluitend heb ik de Master Educational Sciences gedaan aan de UU. Dit heb ik gecombineerd met een dag werken als basisschooldocent op OBS Vleuterweide. Toen ik klaar was met mijn Master waren ze bij OWW en ALPO ze op zoek naar een nieuwe docent en de rest is geschiedenis. Dat betekent dat mijn docenten van toen tegenwoordig mijn collega’s zijn. 

Op de UU werk ik vier dagen per week als docent en ik geef zowel in de Bachelors (ALPO en OWW) als in de Master Educational Sciences les. De afgelopen periode heb ik Inleiding Onderwijswetenschappen gegeven en Learning in Organizations in de Master. Dat betekende dat ik ongeveer acht uur per week aan het lesgeven was. In de overige tijd bereid ik mijn werkgroepen voor en heb ik vergaderingen, bijvoorbeeld over diploma-uitreikingen of open dagen. Het meeste plezier in mijn baan haal ik uit het lesgeven zelf. Daadwerkelijk voor de groep staan en studenten begeleiden bij hun opdrachten en het eigen maken van de literatuur. Ik geniet er van als studenten zichzelf ontwikkelen en groeien tijdens een cursus. Maar net zoveel plezier haal ik uit de informele gesprekjes met studenten. Dan gaat het bijvoorbeeld over werkdruk, weekendplannen van zowel mij als studenten of andere zaken die studenten bezig houden. Ik ben er namelijk van overtuigd dat je mede door dit soort informele gesprekken werkt aan de relatie met studenten, wat vervolgens bijdraagt aan een positief werkgroepklimaat. 

Over die strakke tijdsplanning gesproken, Nadie (de vorige blogschrijfster), vroeg mij hoe ik aan kijk tegen de strakke tijdsplanning van studenten. Is er daadwerkelijk een tekort of is dat iets wat studenten zichzelf opleggen. Ik denk dat de werkdruk hoog is, maar te doen met een goede planning en door jezelf daar vervolgens ook aan te houden. Zelf heb ik tijdens de ALPO ook hoge werkdruk ervaren, maar dat komt mede door het feit dat de ALPO een dubbele opleiding is en je van tevoren weet dat het zwaarder is dan een reguliere bacheloropleiding. Bovendien vond ik het ook erg leuk om ernaast te werken, lid te zijn van de studentenkorfbalvereniging en van VOCUS. Wanneer je naast je opleiding meerdere ballen hoog moet houden, dan wordt de werkdruk automatisch hoger. Je hebt tenslotte maar 24 uur per dag, waarin je ook je slaap niet moet vergeten 😉. Al met al denk ik dat de werkdruk hoog is, je doet ook niet voor niets een wetenschappelijke opleiding, maar dat dit vergroot of verkleind kan worden door de persoonlijke situatie. Weeg goed af waar jij prioriteit aan geeft en haal er dan ook alles uit, maar vergeet ook niet om te ontspannen. Persoonlijk vind ik het niet wenselijk als je alleen maar in de boeken zit en geen ontspanning naast je studie hebt.

Ik tijdens een consultatie met
een groepje van mijn LIO Master studenten.
Deze blog wil ik afsluiten met mijn droom voor het onderwijs en de maatschappij. Op dit moment wordt er veel druk gelegd op leerlingen door de omgeving (ouders, medeleerlingen) om zo goed mogelijk te presteren op school. Er wordt massaal geïnvesteerd in bijles, zelfs al bij de kleuters, om je kind op de havo of het VWO te krijgen. Termen als hoogopgeleid en laagopgeleid zijn nog steeds aan de orde van de dag. Een kwalijke zaak vind ik dat, omdat iemand die heel handig is met zijn handen en mijn auto kan repareren als die stuk is, als laag wordt bestempeld door de maatschappij. Terwijl deze automonteur ervoor zorgt dat ik met mijn universitaire titel toch naar mijn werk kan rijden. En deze persoon zou je dan bestempelen als laag? Waarom is hij of zij minder dan ik? Praktisch en theoretisch opgeleid vind ik al een stuk wenselijker, omdat deze termen ook daadwerkelijk het verschil verduidelijken. Mijn wens is dat er in het onderwijs meer gekeken wordt naar de leerling als geheel en niet alleen naar de cognitieve capaciteiten van een leerling, de kansen(ongelijk)heid afneemt en leerlingen/ouders trots kunnen zijn op bijvoorbeeld een vmbo-advies als dat beter bij het kind past.

Mijn vraag aan de volgende blogger is: Welke docent was/is jouw favoriet en waarom? Wat voor gedrag liet/laat hij/zij zien waardoor jij je fijn voelt/voelde in de les? Dit kan een basisschooldocent, maar ook een hoger onderwijsdocent zijn.

dinsdag 6 april 2021

Een kijkje in het leven van Merel

In deze blog leren we een van de medewerkers of studenten bij Onderwijswetenschappen beter kennen. Dit keer is dat ALPO-studente Merel den Hertog. Dit is de achtste bijdrage in een regelmatig terugkerende serie.


Wie ben je?

Hé, hallo! Ik ben Merel den Hertog en ben gevraagd om een nieuwe blog te schrijven, super leuk! Ik ben 19 jaar en woon nog thuis in Arkel. Ik ben tweedejaars ALPO-studente. Ik heb voor de ALPO gekozen, omdat de combinatie tussen de praktijk van de Hogeschool Utrecht en het theoretische deel van de Universiteit Utrecht mij heel erg aansprak. Ik breng mijn (weinige) vrije uurtjes door met werken in De Buurvrouw & De Buurman in Gorinchem en de Coop in het dorp. Daarnaast pas ik op bij een aantal adresjes.


Hoe ziet jouw week eruit?

Mijn weken zijn vaak gevuld, maar met het thuisonderwijs is dit wel wat minder geworden. Omdat ik een heel stuk minder hoef te reizen, scheelt dit mij zo’n 2,5 uur op een dag!

Op de maandagen volg ik momenteel de ‘Wereldvakken’ van de Hogeschool. Hierbij wordt zowel de kennis, als didactiek van de vakken geschiedenis, aardrijkskunde en natuur & techniek aangeboden. Wat betreft de Universiteit volg ik nu ‘Ontwerpen van Leersituaties Gevorderd’. Momenteel ben ik samen met mijn projectgroep hard aan het werk om de legitimering en het micro- en macro-ontwerp af te ronden. We hebben hierbij als complexe vaardigheid gekozen voor het voorbereiden en voeren van een debat in het basisonderwijs. We meeten vaak op woensdagmiddag, waarbij we de opdracht doorspreken en zoveel mogelijk samen proberen te doen. Vaak moet ik iets eerder weg, omdat ik 's middags muziekklas heb op locatie! Volgend jaar hoop ik de muziekklas af te ronden. Als dat is gelukt, heb ik een extra papiertje ‘Vakdocent Muziek’! Muziek is iets wat ik door de week heen ook doe: piano spelen, zingen (vooral onder de douche, haha!) en ukelele spelen. 


Op donderdag loop ik stage: het leukste moment van de week! Momenteel loop ik op een school met faseonderwijs, in fase 16/16+. Faseonderwijs houdt in dat leerlingen na een halfjaar door kunnen naar een volgende fase. Zij kunnen dan ook een half jaar versnellen of blijven zitten, in plaats van een heel jaar. Als je de fase 16/16+ zou vertalen naar het regulier basisonderwijs, dan zouden de kinderen in groep 8 zitten. Die kinderen kunnen een halfjaar hebben versneld of ze zijn in groep 1 in februari begonnen aan de basisschool. De kinderen in de stageklas die ik nu heb, zijn engeltjes. Ik heb nog nooit zoiets gezien, haha! Soms een tikje saai, maar ik vind het leuk om hier op een andere manier uitdaging in te zoeken. Natuurlijk komt het lesgeven en theorie vanuit de HU naar voren in de praktijk, maar het leuke aan de ALPO is dat het daar niet bij blijft. Ook de OWW kant komt naar voren tijdens stage. Ik vind het vaak leuk om een lesmethode of docentenhandleiding door te bladeren en deze kritisch te bekijken. Het gedrag van leerlingen binnen de groepsdynamiek blijft me ook eindeloos boeien. De toegevoegde waarde van OWW binnen de ALPO is voor mij dan ook het kritisch kunnen analyseren en steeds met een andere blik naar het onderwijs blijven kijken.

Op vrijdag ben ik vrij. Dan ga ik vaak werken, werk ik de literatuur bij of plan ik wat dingen in voor de week erna. Op dinsdag beachvolleybal ik in Hardinxveld-Giessendam. Ik speel bij OKK'70 DS1 in Hardinxveld, normaal gesproken in de zaal en 's zomers op het beachveld. Maar nu dat niet kan, gaan we vervroegd beachen. Daarnaast probeer ik minimaal vier keer in de week een workout te doen of een rondje te lopen (voor mijn mede-ALPO'ers: zitten jullie al in het ALPOmmetje team?! En voor de OWW’ers: zitten jullie al in het OWWandelen team?!). Sport vind ik dan ook heel belangrijk in deze gekke tijd, het houdt je scherp. En ook zie ik de meiden uit mijn team weer eens, altijd een feestje!

Op zaterdagochtend beach ik ook! De rest van het weekend werk ik en normaal gesproken spreek ik veel af met vrienden, maar ook dat is een heel stuk minder door de lockdown.

Ik post ook regelmatig wat op mijn juffen-Instagram (@jufmerel_). Zoek je dus nog inspiratie voor lessen, wil je een kijkje in mijn leven als juf in spé of vind je het gewoon leuk, volg me dan vooral even ;).


Waar haal je het meeste plezier bij je studie?

Ik haal het meeste plezier uit het contact met medestudenten en docenten. Ik ben een echt mensen-mens, dus deze lockdown is wat dat betreft een verschrikking, haha! Ook het stagelopen vind ik geweldig! Ik haal veel energie uit het werken met kinderen. Op dit moment zie ik mezelf na de opleiding dan ook eerst wat jaartjes voor de klas staan, misschien onderwijl ik nog een deeltijd master volg. Welke dit wordt? Ik heb nog geen idee… In ieder geval heb ik nog genoeg tijd om daar over na te denken! Ook het werken in het buitenland lijkt me een ervaring! Het voordeel van de ALPO is dan ook dat je eigenlijk alles binnen het onderwijs kunt doen.


Wat is jouw visie op het huidige onderwijs in Nederland?

Het leuke aan het onderwijs in Nederland vind ik dat er zoveel verschillende stromingen zijn: vernieuwingsonderwijs, christelijke scholen, openbare scholen of scholen met faseonderwijs waar ik nu bij stageloop. Ik denk dat, kijkend naar de verschillen en overeenkomsten, iedere school daarin zijn eigen bijdrage levert aan het onderwijs en daarmee de maatschappij. Ik denk dan ook dat iedereen een verschil kan maken in de maatschappij, bijvoorbeeld door onderwijs. 

Daarmee kom ik meteen bij de vraag van Lotte, die de vorige blog heeft geschreven. En dat was de volgende: vind jij dat we ons als onderwijswetenschappers voldoende laten zien in het maatschappelijk debat rondom gelijke onderwijskansen? Of zouden we dat meer moeten doen, en hoe dan? Dankjewel Lotte, voor deze pittige vraag! En natuurlijk nog gefeliciteerd met je prachtige prijs!

Ik vind dat wij als (afgestudeerd) onderwijswetenschapper (of ALPO’er) veel afweten van allerlei vlakken in het onderwijs en je getraind bent om deze vanuit meerdere perspectieven te analyseren. Ik denk dat het zonde is om deze diversiteiten aan kennis niet in te zetten in een debat als deze. Naar mijn mening heeft het onderwijs (basis-, voortgezet- of hoger onderwijs) een belangrijke rol in de maatschappij: er wordt opgevoed, door onderwijs ontdekken kinderen hun talenten en interesses en er wordt –niet geheel onbelangrijk- kennis bijgebracht. Ik denk wel dat er altijd ruimte voor verbetering moet zijn, dat onderwijswetenschappers daarnaar op zoek zouden kunnen gaan. Voor mij is het dan ook een feit dat ieder kind gelijke kansen moet krijgen om tot optimaal leren te kunnen komen. Daarbij moet zeker ook gekeken worden naar de talenten van een kind, in plaats van waar het kind zou kunnen achterblijven of waar het in tekort komt. 

Ik denk dat we ons als onderwijswetenschappers onvoldoende laten zien in dit debat. Als onderwijswetenschapper ben je een ruimdenkende professional die hier zeker (minimaal) een adviserende functie bij zou kunnen innemen. Ik denk bijvoorbeeld aan (het ontwerpen van) scholing of cursussen voor het bewustmaken van directie en leraren. Een voorbeeld van invulling van deze scholing: hoe je ongelijkheid binnen een school zou kunnen vermijden en gelijkheid juist kan stimuleren. Bewustmaking is één, actie is twee. Er valt denk ik ook winst te behalen in de koppeling praktijk-theorie. Je hebt te maken met diversiteit op allerlei manieren: diversiteit in leerlingen en prestaties, docenten -in normen en waarden, maar ook in leeftijden. Collega’s onder elkaar kunnen hier ook een meerwaarde bij hebben, door elkaar op ongelijkheid te wijzen. Ik denk dat je als onderwijswetenschapper in gesprek kunt gaan met het werkveld en ervaringen kunt uitwisselen en onderzoeken, waardoor je weet waar de verbeterpunten zouden kunnen liggen. 


Wat is je droom voor het onderwijs?

Mijn droom voor het onderwijs is dat er meer gekeken wordt naar wat een kind wél kan en waar zijn of haar talenten liggen en dit ook wordt benut. Een leerlingvolgsysteem zegt niet altijd alles. Geef een kind de ruimte, de tijd en mogelijkheden om te groeien, dan komt de rest vanzelf.


Wat wil je docenten meegeven?

In deze gekke tijd doen jullie het erg goed, respect daarvoor. Maar soms mag er wel even een extra pauze tussendoor, haha! Nee, zonder gein: het is te hopen dat we elkaar gauw fysiek kunnen treffen, want laten we eerlijk zijn: we hebben niet voor niets gekozen om te gaan studeren –dat is niet om de gehele dag achter een laptop te zitten. En voor onze docenten in spé/medestudenten: ondanks dat het lastig is in deze tijd om te studeren, doe je het toch maar even. Het wordt beter, echt!


Heb je nog een leuke vraag voor de volgende blogger?

Als je een nieuwe stroming van onderwijs zou kunnen ontwerpen, hoe zou deze er dan uitzien en waarom? En in hoeverre wijkt deze af van de reeds bestaande onderwijsstromingen in Nederland?


Heb je nog leuke luister of leestips? (Denk aan een interessant boek of een podcast.)

Alle boeken gerelateerd aan Meester Mark vind ik heel leuk. Ook het boek Juf, er is een kind kwijt vind ik heel tof. Dit zijn dan ook zeker aanraders! 

Zo, genoeg getypt denk ik zo! Tijd om van het zonnetje te genieten. Nog 13 weken tot de zomervakantie, you got this!


dinsdag 1 december 2020

Een kijkje in het leven van Luce

In deze blog leren we een van de medewerkers bij Onderwijswetenschappen beter kennen. Dit keer is dat Luce Claessens. Dit is de eerste bijdrage in een regelmatig terugkerende serie.


Hallo allemaal, mijn naam is Luce Claessens en ik ben de coördinator voor de ALPO aan de afdeling Educatie. Ik ben 43 jaar en woon met mijn man Mark en twee kinderen (Tristan (12) en Josephine (6)) in Utrecht.

In 1996 ben in begonnen aan de universiteit als student Culturele Antropologie. Om eerlijk te zijn vind ik dat iedereen Antropologie zou moeten studeren. De studie van verschillende culturen geeft je een relativerende blik op je eigen cultuur waardoor je wat meer je best doet om andersdenkenden te begrijpen. Baan-technisch vond ik de studie echter wat minder aantrekkelijk. Onderwijs trok me altijd al, dus ik ben daarnaast Onderwijswetenschappen gaan studeren. Superleuk natuurlijk, helemaal toen ik in de avonduren de pabo ging doen en één dag in de week stage mocht lopen in een school. Net als de meeste ALPO-studenten geniet ik zowel van het verdiepen in moeilijke artikelen en theorie (lekker sprinten op cognitief gebied) als van het praktisch bezig zijn en dingen organiseren, zeker met kinderen. Ik heb na mijn studeren dan ook een jaar voor de klas gestaan op een basisschool in Overvecht. Ontzettend zwaar vond ik het, het was een moeilijke klas en ik was natuurlijk beginnend leraar. Gelukkig had ik een heel goed duo naast mij staan waar ik veel van heb kunnen leren.

Na een jaar voor de klas verhuisden we naar het buitenland en kwam ik in 2007 weer terug naar de universiteit. Ik kreeg een baan op de universiteit als docent: wat een feest! Studenten zijn voor mij de leukste doelgroep om les aan te geven en ik vind het ontzettend leuk om samen te sparren over onderzoeksideeën of mee te denken over moeilijke situaties in de klas en hoe daarmee om te gaan. Tegenwoordig mag ik als coördinator van de ALPO ook meedenken over het curriculum en hoe we dat kunnen verbeteren. Dat geeft ook heel veel energie. Academische leraren vormen in Nederland een relatief nieuwe beroepsgroep en het is echt een uitdaging om onze studenten tijdens hun studie de tools mee te geven om straks hun eigen ideale baan te gaan creëren. Ze kunnen zoveel kanten op met het dubbele diploma na de ALPO, dat biedt veel mogelijkheden, maar kan ook lastig zijn als het werkveld hier nog niet helemaal klaar voor is. Ik heb goede hoop dat over tien jaar de rol van onderwijswetenschapper of onderwijsinnovator op basisscholen de norm is, net als een intern begeleider.

Het primair onderwijs is momenteel een interessant veld om in te werken: het lerarentekort loopt zo hoog op dat er veel kansen en ontwikkelingen zijn. Ik vind het een uitdaging om daar een eigen steentje aan bij te dragen. Momenteel werkt de opleiding samen met de hogescholen in Utrecht aan een academisch zijinstroom-traject voor leraren. Dit traject zou je bijvoorbeeld naast de master Onderwijswetenschappen kunnen doen zodat je in twee jaar zowel de master kunt halen als een lesbevoegdheid. Ik hoop dat we met de creatie van dit soort routes het lerarentekort in Nederland een beetje kunnen verkleinen en tegelijk meer wetenschappelijk geschoolde mensen het basisonderwijs inbrengen. Ik denk dat deze leraren, zeker bij onderwijsvernieuwingen, een mooie bijdrage kunnen leveren aan het onderwijs in Nederland.

Thuiswerkplek Luce
De thuiswerkplek van Luce

Nu ik dit zo schrijf word ik weer helemaal enthousiast van mijn baan. Het voelt goed om een bijdrage te kunnen leveren aan iets wat me aan het hart gaat; goed onderwijs voor iedereen. Als ik eerlijk ben, is dat enthousiasme de laatste tijd wel ver te zoeken. Ik mis iedereen sommige dagen zo erg dat mijn kinderen gek worden van al mijn geknuffel (gelukkig hebben we ook een hond J). Ik mis het fysiek lesgeven, mijn werkplek en de collega’s om me heen en zelfs het vergaderen. Om dat gemis een beetje te compenseren probeer ik meer connectie en lol te maken online. Als mensen iets leuks of raars in hun omgeving hebben staan, of een good hairday hebben, is dat makkelijk. Dan gaan we gewoon daar even over kletsen. En anders maar gewoon heel direct zijn, dus bij deze: ik mis jullie allemaal en kan niet wachten tot dit over is. Oh, en alle tips voor hoe jullie lol maken online zijn welkom!

Vraag aan de volgende blogger: Hoe ontspan jij eigenlijk in deze tijden van lang achter de laptop zitten?