Posts tonen met het label Facebook. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Facebook. Alle posts tonen

woensdag 1 mei 2013

Welke informatie plaats je als docent wel en niet op Facebook?

Als docent actief zijn op Facebook, is dat eigenlijk een goed idee? En welke informatie moet je dan wel en niet op je profielpagina plaatsen?

In een column op het DUB schreef ik al eens over de relatief positieve ervaringen die we bij de opleiding Onderwijskunde hebben met het gebruiken van Facebook voor ons onderwijs. Op die column kwamen behoorlijk wat reacties. Bijvoorbeeld van een aantal studenten die zich zorgen maakten over hun privacy en over het benadelen van studenten die geen gebruik maken van Facebook. Maar hoe zit dat eigenlijk voor docenten? Is het verstandig als docenten actief zijn op Facebook? Moet je als docent vriendschapsverzoeken van studenten toestaan? En welke informatie kun je beter wel en beter niet plaatsen op je profielpagina?
Als docent zo'n profielfoto op Facebook nemen?

Zoals we eerder al constateerden, begint er een behoorlijk constante stroom van onderzoek naar het gebruik van sociale media in het onderwijs op gang te komen. Zo blijken aankomende studenten Facebook actief te gebruiken bij het zoeken en vinden van informatie over de studie en universiteit waarin zij geïnteresseerd zijn. In de nieuwste uitgave van het tijdschrift Cyberpsychology, Behavior, and Social Networking, richten Sleigh, Smith en Laboe zich op de docent die op Facebook actief is. Zij legden aan 77 studenten zes verschillende fictieve Facebook-profielen van mannelijke docenten voor:
  1. Professioneel: De docent deelt vooral informatie over zijn werk.
  2. Politiek liberaal: De docent laat met zijn profiel merken politiek actief te zijn voor de Democratische partij.
  3. Politiek conservatief: De docent laat met zijn profiel merken politiek actief te zijn voor de Republikeinse partij.
  4. Religieus: Uit het profiel van de docent blijkt dat hij religieus is.
  5. Sociaal: De is de docent als party animal. De docent laat in zijn profiel merken van uitgaan, drank, enzovoorts te houden.
  6. Familiegericht: De docent deelt op zijn Facebook profiel informatie over zijn gezin.
Het fictieve profiel liet daarbij ook de foto zien van een 39-jarige, glimlachende man. Bij het sociale profiel werd een foto van dezelfde man met een glas bier getoond en bij het familiegerichte profiel was er een foto van deze man met een jongetje te zien.

Hoe reageerden studenten op deze verschillende Facebook profielen? Studenten gaven aan dat de "sociale" docent hen het meest aardig leek en dat ze dachten dat deze docent vast populair zou zijn bij zijn studenten. De "sociale" docent werd door studenten echter ook als een minder goede docent gezien en studenten verwachtten ook dat de cursussen van deze docent relatief gemakkelijk zouden zijn. Ook dachten studenten dat deze docent minder respect van zijn collega's zou genieten dan de andere docenten. Hoewel studenten het profiel van de sociale docent interessant vonden, vonden ze ook dat deze docent minder persoonlijke informatie moest delen op zijn Facebook profiel.

De verwachting van Sleigh et al. was dat de professionele docent als de betere docent zou worden gezien, omdat de informatie op zijn profielpagina het meest overeenstemt met wat studenten toepasselijke informatie vinden. Deze verwachting bleek maar gedeeltelijk uit te komen. De professionele docent werd wel als een betere docent beoordeeld dan de sociale docent, maar niet in vergelijking met de andere profielen.

De Facebook profielen van docenten lijken dus de percepties van studenten te beïnvloeden. Wat betekent dat nu voor ons docenten? Waarschijnlijk kom je met je boerenverstand al een heel eind. Het delen van persoonlijke en professionele informatie kan geen kwaad, zolang je het maar niet te gek maakt. En neem dus geen profielfoto waarop je met een glas bier te zien bent, want dan verlies je het respect van je collega's! ;-)

Sleigh, M. J., Smith, A. W., Laboe, J. (2013, in press). Professors' Facebook content affects students' perceptions and expectations. Cyberpsychology, Behavior, and Social Networking. doi: 10.1089/cyber.2012.0561

zondag 3 maart 2013

Vind ik leuk: De rol van Facebook bij studieoriëntatie en -verwachtingen

Om scholieren te interesseren voor de studie Onderwijskunde besteden we veel aandacht aan voorlichting. Zo geven we onder andere presentaties aan scholieren op de algemene open dag van de Universiteit Utrecht op 16 maart, brengen we bezoeken aan scholen om daar te vertellen over onze opleiding en organiseren we meeloopdagen voor scholieren die willen proeven wat het inhoudt om Onderwijskunde te studeren. Hoewel we behoorlijk wat scholieren weten te bereiken met deze 'traditionele' vormen van studievoorlichting, zijn er ook andere wmanieren om scholieren te informeren over onze opleiding. Welke rol kunnen sociale media hier bijvoorbeeld in spelen?

De laatste tijd kom ik meer en meer onderzoeksartikelen tegen die de rol van sociale media (voornamelijk Facebook) in het onderwijs onderzoeken. Eén van de interessantere artikelen is een artikel van Wohn et al. (2013) in het tijdschrift Computers & Education. Zij onderzochten welke vormen van sociaal kapitaal samenhangen met (1) het vertrouwen dat scholieren hebben in hun kennis van het toegelaten worden tot de universiteit en (2) hun verwachtingen over het succes dat ze zullen hebben op de universiteit. Daarbij onderzochten Wohn et al. of de invloed van sociaal kapitaal op deze twee variabelen verschilt studenten wiens beide ouders niet aan de universiteit studeerden (zogenaamde eerste-generatie studenten) versus studenten waarvan één of beide ouders wél aan de universiteit studeerden.


In hun onderzoek onderscheidden Wohn et al. twee bronnen van sociaal kapitaal: ondersteuning van ouders en vrienden of leeftijdsgenoten. Daarnaast onderscheidden ze nog een derde vorm van sociaal kapitaal, namelijk ondersteuning van vrienden op Facebook. Zo vroegen de onderzoekers bijvoorbeeld of scholieren vriend op Facebook zijn met iemand die aan de universiteit studeert of daar gestudeerd heeft en of ze informatie over universiteiten en studeren verzamelen via Facebook.

De uitkomsten zijn interessant en laten zien dat Facebook een rol kan spelen in de manier waarop aankomende studenten informatie verzamelen over universiteiten en het gaan studeren aan een universiteit en de verwachtingen die zij hebben over het succes dat ze zullen hebben aan de universiteit. Dit geldt echter alléén voor de eerste-generatie studenten. Met betrekking tot het vertrouwen dat studenten hebben in het toegelaten worden tot de universiteit schrijven de onderzoekers:
"For first-generation students, confidence in the application process was associated with instrumental support from Facebook Friends and information obtained from social media. For non first-generation students, support garnered through social media was not instrumental to confidence in one's application efficacy."
En wat betreft de verwachtingen die scholieren over het succes dat ze zullen hebben aan de universiteit, concluderen zij:
"For non first-generation students, close friends played a large role in terms of how successful they thought they were going to be in college. More emotional support from close friends increased their expectation of college success. Interestingly, higher frequency of Facebook use decreased expectations of college success for non first-generation students. ... For first-generation students, social media played a bigger role in predicting expectations of college success. Having Facebook Friends who were currently in, or graduated from college raised participants' expectations of success. These connections to others on Facebook may serve as positive examples of people from similar backgrounds – racially, socioeconomically, and otherwise – who successfully graduated from college, thus instilling confidence in high school students that they, too, can be successful in college. ... Frequency of Facebook use, however, was again a negative predictor, suggesting that certain types of activities on Facebook are not as beneficial."
Het lijkt dus zo te zijn dat het gebruiken van Facebook om informatie te verkrijgen over universiteiten en gaan studeren bij eerste-generatie studenten positief samenhangt met hun verwachtingen over hun succes aan de universiteit: eerste generatie-studenten die uit hun Facebook netwerk veel informatie over gaan studeren aan de universiteit kunnen halen, zijn positiever over hun kansen op succes dan studenten die dat niet kunnen. Bij beide groepen bestaat er echter ook een negatieve samenhang tussen de intensiteit van het gebruiken van Facebook en verwachtingen over succes aan de universiteit: studenten die veel tijd op Facebook doorbrengen, hebben negatievere verwachtingen.

De vraag is wel in hoeverre deze resultaten zich laten vertalen naar de Nederlandse situatie. In de Verenigde Staten is het aanmerkelijk ingewikkelder om toegelaten te worden tot een universiteit. Je examencijfers spelen een grote rol in je kansen om toegelaten te worden en daarnaast zijn er allerlei mogelijkheden om een beurs te krijgen. De implicaties van dit onderzoek liggen echter voor de hand. Voor universiteiten en opleidingen kan het dus van belang zijn om te trachten via sociale media studenten te bereiken en hen te informeren de universiteit of de studie.

Bij Onderwijskunde zijn we daar al druk mee: zie onze Facebook pagina en ons Twitter account!